Dinges
2004: 'A Clockwork Orange' - een cartooneske compositie over keuzevrijheid
Diep onder de grond - in de gerestaureerde 14e eeuwse historische kelders van Arnhem - voeren elf jongeren u mee door het verhaal van Alex, jeugdcrimineel, verheerlijker van doelloos geweld, met een passie voor klassieke muziek.
Als Alex na 1 van zijn 'onbeleefdheidsbezoekjes' wordt opgepakt en veroordeeld tot 14 jaar zonder cel, grijpt hij de kans op vervroegde vrijlating: hij meldt zich vrijwillig voor een experimentele behandeling. De behandeling slaagt, Alex komt vrij en iedereen is blij ...?
tekst: Antony Burgess
regie: Adriana Jens
spel: Suzanne de Boer , Michelle Canestrelli , Regina Gabbdulkhakovol, Nora Iburg , Roy de Haan , Jasmijn Langbroek , Cézanne Monteiro , Rinus Reuvekamp , Jolein Schaap , Lisette van Zalen en Lieke van Zuidwijk
locatie: Historische Kelders Oude Oeverstraat 4a Arnhem
data: 14, 15, 16, 20, 21, 23, 30, 31 mei 2004
De Gelderlander 13 mei 2004
Een rauwe voorstelling als een stripverhaal in de kelders
Een voorstelling om zitvlees bij te kweken, A Clockwork Orange door Dinges in Historische kelders in de Arnhemse binnenstad. Het publiek volgt de hoofdpersoon Alex letterlijk op de voet. Het moet rauw."
Door WERNER BOSSMANN
ARNHEM * Nóg liever was regisseur Adriana Jens in de oude melkfabriek van Coberco aan het werk gegaan. Dan had ze de spelers van Jongerentheatergroep Dinges in auto's kunnen zetten. Maar misschien zijn de donkere keldergewelven met hun wanden van bakstenen nog wel beter geschikt voor de opvoering van A Clockwork orange, het stuk over de jeugdcrimineel Alex. Het moet zo rauw mogelijk', zegt ze. De voorstelling bestaat uit drie delen die allemaal op verschillende plekken in het middeleeuwse keldercomplex in het hart van Arnhem spelen. Op zoek naar een bijzondere locatie kwam Jens in wam in contact met Rob Thuis, die wel eens een wat jonger publiek naar de kelders wil trekken. De kelders geschikt maken voor een theatervoorstelling heeft het uiterste gevraagd van de regisseur en haar team van technici. Vooral de aanleg van het licht was een hels karwei. "Maar het is wel heel bevredigend om nu eens niet in het theater te spelen. Al houden we er uiteindelijk niet veel aan over." Het publiek volgt de hoofdpersoon thuis, op straat, in de cel en in de kliniek. Er zijn twee Alexen in A Clocktwork orange, de ene vertelt het verhaal en loopt met de toeschouwers als een soort gids door de kelders, terwijl de andere Alex het op hetzelfde moment meemaakt. Langs het plafond van de kelders loopt een lichtsnoer, het enige licht in de stikdonkere gangen. "Ik hoop op een Pavlov-reactje bij het publiek, vergelijkbaar met die van Alex. Dat de mensen zodra ze een lampje zien, op willen staan." In het eerste deel maakt Alex met zijn bende de straten onveilig. De mannen zijn dronken, ze verkrachten vrouwen
en ze slaan willekeurig mensen in elkaar. Alex wordt veroordeeld tot veertien jaar cel als een van de slachtoffers van zijn'onbeleefdhe0idsverzoekjes' overlijdt. Hij kiest vrijwillig voor een hersenspoeling om eerder vrij te komen. Door de behandeling is de voormalige geweldverheerlijker weerloos tegen geweld geworden. Hij reageert zelfs afwijzend op de muziek van wat eerst zijn lievelingscomponist was, Ludwig von Beethoven. Onderweg in de kelders komen de bezoekers een kleine expositie tegen. Op twee deuren zijn de krantenartikelen geplakt die Jens heeft verzameld over plannen voor een strenge aanpak van jeugdcriminelen bijvoorbeeld. "De discussie die daarover woedt valt ons in de schoot. Dat bewijst hoe actueel het stuk is", aldus Jens, die het stuk de slogan'een cartooneske compositie over keuzevrijheid' meegaf. A clockwork orange is een toneelstuk van Anthony Burgess uit 1987, naar zijn roman uit 1962. Die deed veel stof opwaaien, niet alleen vanwege de eigen taal die de schrijver voor zijn hoofdpersonen had bedacht. Burgess schreef over geweld, dubbele moraal en de dwang van maatschappelijke structuren. Het verhaal speelde in een ongedefinieerde toekomst, waarin veel van het naoorlogse Engeland te herkennen was. Dinges speelt het stuk in de bewerking die Marcel Otten in 1997 maakte voor het Nationale Toneel. Er wordt nogal wat gegoocheld met taal. Daardoor zal het publiek niet alle dialogen snappen, verwacht de regisseur. »Dat geeft niet, je moet de taal maar over je heen laten stromen. A Clockwork orange is ook een voorstelling om naar te kijken. We hebben er een groot stripverhaal van gemaakt." De acteurs beelden een levend klokkenspel uit en gaan gekleed in felgekleurde pakken, vol stijfsel, om aan te geven hoe zeer de mensen in het verhaal in vaste patronen leven. A clockwork orange word in 1971 verfilmd door Stanley Kubrick. In die film loopt het slecht af met Alex, net als in de versie van Marcel Otten. "Het zal allemaal heus nog wel goed komen met Alex", denkt Jens. "Maar dat laten we het publiek bedenken."
Gelderlander 15 mei 2004
THEATER A CLOCKWORK ORANGE
Vitale jongeren in spannend kelderspel
Door SUZANNE HOENDERDAAL
Het ultieme genoegen van Alex en zijn bende is roven, lekker mensen in elkaar slaan, verkrachten, met een auto iedereen van de weg rijden en dat soort dingen. Eigenlijk vervelen ze zich rot, want school of werk is niks voor hen. Alex voert zijn publiek als een ware gids door de kelders onder de Arnhemse binnenstad en door zijn opwindende leven. Alle andere Alexen Spelen de korte scènes, samen met de overige spelers in hun vele dubbelrollen. Zo worden we van de ene ruimte in de andere gevoerd en van de ene situatie in de volgende. Alex als draaideurcrimineel - wat ook heel beeldend te zien is op een gegeven moment. Het wemelt trouwens van de beeldende momenten. Als Alex tenslotte' geholpen' wordt en daardoor zijn xvil verliest, maar ook zijn plezier in geweld en klassieke muziek, wordt hij beschouwd als genezen en aangepast. Daarom heeft A Clockwork Orange als ondertitel meegekregen: een cartooneske compositie over keuzevrijheid. Cartoonesk is het zeker. Wat ook intrigeert is de taal: een mengeling van Nederlands, Amerikaans, Russisch en fantasie. Vaak heel poëtisch aan elkaar gesmeed. Acht meisjes en twee jongens weten met een enorme vaart en vitaliteit de ontwikkeling neer, te zetten. Een probleempje bij dit soort theater, waarbij telkens verhuisd moet worden, is dat de lijn steeds wordt onderbroken. Zowel spelers als publiek moeten dan weer opnieuw beginnen. Die kelders zijn fantastisch, je barst van nieuwsgierigheid naar de volgende ruimte. Met hele eenvoudige middelen en snelle changementen is weer een nieuwe sfeer geschapen. Prachtig is een ballet waarin de bende elkaar te lijf gaat. Dat levert dan ook een open doekje op. Venijnig is de scène waarin de vroegere straatjongens Vopo's blijken te zijn geworden.
|